Bodemvondsten tonen aan dat er al vanaf de prehistorie wordt gecremeerd. Als in de middeleeuwen Noord-Europa onder invloed komt van het christendom, verbiedt Karel de Grote het cremeren. Christenen willen dichterbij de rustplaats zijn van hun heiligen. Daarom worden de doden in en in de buurt van kerken en kloosters begraven. De kerkhoven raken overvol en dit vormt een gevaar voor de volksgezondheid.
In het midden van de negentiende eeuw pleiten wetenschappers voor legalisatie van cremeren. Ze vinden de traditionele manier van cremeren op een brandstapel niet geschikt.
|